Klachtenreglement Reconi

Artikel 1
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. Algemeen directeur: de algemeen directeur van Reconi;
b. Service manager: de service manager van Reconi;
c. Klacht: een klaagschrift als bedoeld in artikel 9:4 Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 2
1. Gelet op Hoofdstuk 9 artikel 9:1 Algemene wet bestuursrecht heeft een ieder het recht om over de wijze waarop Reconi zich in een bepaalde aangelegenheid jegens hem of een ander heeft gedragen, een klacht in te dienen bij Reconi.
2. Dit reglement dient als aanvulling op de bepalingen van Hoofdstuk 9 Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 3
De service manager van Reconi is belast met de behandeling van klachten, tenzij de Algemeen directeur beslist dat de behandeling van een bepaalde klacht zal geschieden door een nader door hem/haar aan te wijzen functionaris. Dit gebeurt in ieder geval als de klacht op de service manager zelf betrekking heeft.

Artikel 4
1. Een klacht wordt na ontvangst Reconi direct doorgestuurd naar de service manager. De leidinggevende onder wie de aangelegenheid valt wordt ook direct geïnformeerd.
2. De service manager neemt direct en in ieder geval binnen vijf werkdagen na binnenkomst van de klacht bij Reconi contact op met de klager.
3. De service manager registreert de klacht in het Klachtenregister. In dit register worden de specifieke stukken ten aanzien van de klacht geregistreerd en, voor zover nodig, gearchiveerd.

Artikel 5
Indien het contact leidt tot een voor wederzijdse partijen bevredigende oplossing, dan zijn de volgende artikelen niet van toepassing.

Artikel 6
Indien het contact niet leidt tot een voor beide partijen bevredigende oplossing, wordt de klager door de service manager gewezen op het feit dat Reconi een voortgezette klachtenprocedure kent en dat deze nu in werking zal treden.

Artikel 7
1. De behandeling van de klacht geschiedt door een persoon of personen die niet bij de gedraging waarop de klacht betrekking heeft, betrokken is geweest.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien de klacht betrekking heeft op een gedraging van de
Algemeen directeur. In dat geval kan de Algemeen directeur zelf deelnemen aan de behandeling.

Artikel 8
1. De Algemeen directeur stelt de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, in de gelegenheid te worden gehoord.
2. Van het horen van de klager kan worden afgezien indien de klacht kennelijk ongegrond is danwel
indien de klager heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht te worden gehoord.
3. Van het horen wordt een verslag gemaakt.
4. Zonnodig wordt door de Algemeen directeur nadere informatie ingewonnen.

Artikel 9
1. Op basis van de verkregen informatie stelt de Algemeen directeur een rapport op met daarin opgenomen:
a. De klacht;
b. De bevindingen;
c. De conclusies;
d. Een eventueel advies.

Artikel 10
De Algemeen directeur stelt de klager schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de bevindingen van het onderzoek naar de klacht, alsmede van de eventuele conclusies die daaraan verbonden worden.

Sluit Menu